Het Gastersche Holt: een oud dorpsbos op potklei
Terrein·Marke en boerenland

Aan de rand van de Zuides van Gasteren ligt een bosperceel van zes hectare dat een holt heet. Een holt was de voorraadkast van geriefhout van een dorpsgemeenschap, voor gereedschapsstelen, heiningen en bouwhout. Het Gastersche Holt behoort tot de oudste bosrelicten van Drenthe.
Harm Smeenge zocht voor De Levende Natuur uit welke holten en strubben in het Drentsche Aa-gebied op de Franse kaarten van 1811-1813 en op de topografische kaarten van 1850, 1915 en 2000 onafgebroken aanwezig zijn. Hij kwam op zes. Het Gasterense Holt is er een van, naast de Schipborger en Anloër Strubben, het Zwanemeerbos, het Amer Holt en de Schoonloër Strubben.
Onafgebroken aanwezig is alleen niet hetzelfde als onafgebroken bos. Hier lopen die twee ver uiteen. Op de kadastrale kaart van 1830 staat het Holt als struwellen, en in 1880 zelfs als heide en struwelen. Er stond kreupelhout op een veld dat aan het verschralen was. In die eeuw werd het struweel periodiek gerooid als takkenbos, berk en wilg en vuilboom en els. Pas na 1950 groeide het uit tot het opgaande holt dat er nu staat. Wat hier al twee eeuwen op de kaart staat, is dus een plek die bos bleef heten terwijl hij het tijdelijk nauwelijks was.
De Zuides van Gasteren ligt op potklei, de zware en vrijwel waterdichte kleilaag die tijdens de Elster-ijstijd in diepe smeltwatergeulen bezonk. Rond het Holt komt die klei bijna aan de oppervlakte. De landschapsbiografie van de Drentsche Aa noemt dit gebied als een van de plekken waar dat zo is.
Klei die geen water doorlaat maakt land lastig. Dat is hier aan een beek te zien: in het Holt ontspringt een zijstroompje van het Gastersche Diep, dat 's winters als een echte beek loopt en in de zomer meestal droog staat. Het regenwater zakt niet weg, het schuift over de klei. De gronden hier zijn daarom van oudsher intensief begreppeld, want anders blijft het water op de klei staan en wordt de bovengrond kletsnat. Diezelfde klei was ook grondstof. In het Holt liggen leemkuilen, uit de tijd dat boeren er potklei haalden om het deel te verharden, het achterhuis waar het vee stond en werd gewerkt.
Op de hoogtekaart is het perceel meteen te vinden. Het is er onrustiger dan overal eromheen. Om het bos loopt een greppel als een scherpe donkere lijn, en binnen die lijn ligt een bobbelig oppervlak vol kuilen van enkele tientallen meters breed en twintig tot vijftig centimeter diep, met opgeworpen randen ertussen. De akkers rondom zijn vlak.
Eén waarschuwing bij het kijken: bosbodems geven in het hoogtemodel altijd extra ruis, doordat de laserstralen tussen de bomen door lastiger de grond halen. Dat het hier ruwer is dan buiten het bos staat vast. Welke kuil een leemkuil is en welke bult meetruis, is uit het reliëf alleen niet uit te maken.
De klei levert nog iets op. Omdat het water blijft staan is de bodem hier voedselrijker en vochtiger dan de zure zandgronden van de omgeving. Dat merk je aan wat er groeit. De provincie beschrijft het Holt in haar geosite-registratie als een boscomplex op potklei met een rijke kruidlaag, met poelen waarin onder meer de alpenwatersalamander voorkomt, en legt uitdrukkelijk het verband met de Zuides ernaast.
Hoe rijk die laag is, blijkt uit een telling over het hele Drentsche Aa-gebied. Alterra heeft 92 plantensoorten aangewezen als indicator voor oud bos, bos dat sinds 1750 onafgebroken bos is geweest. Van de soorten die in het Drentsche Aa-gebied voorkomen zijn er 20 stérk aan zulke oude bossen gebonden. Hun zwaartepunt ligt hier. In en rond het Gastersche Holt zijn ze alle 20 aangetroffen, op zevenster en schedegeelster na. Dat komt door een combinatie die verder nergens zo voorkomt: ondiepe potklei én een bronbeekje, waardoor zowel soorten van het goudveil-essenbos als van het eiken-haagbeukenbos zich hebben kunnen vestigen.
Waarschijnlijk dankt het bos zijn bestaan aan diezelfde klei. Grond die te nat is om zonder greppels te bewerken valt als akker tegen. Wat als akker tegenvalt blijft bos.
Er bestaat een kaart van het moment waarop dit bos ophield gemeenschappelijk bezit te zijn. In 1849 tekende Roelof Remmelts Giezen uit Assen, landmeter bij het kadaster, in opdracht van zes Gasterse landbouwers de "Kaart van de verdeling der marke van Gasteren", waarop de strengen van het Holt nog in vaal blauw staan. Op oudejaarsdag 1849 waren die zes ten overstaan van notaris Kniphorst uit Zuidlaren getuige van de verdeling van het markebezit. Het Holt ging in 180 aandelen. Zo'n aandeel heet een spint. Een spint is 0,0225 hectare, dus gemiddeld iets meer dan tweehonderd vierkante meter per aandeel.
Bij die verdeling werd notarieel vastgelegd dat de nieuwe eigenaren niet mochten rommelen aan de natuurlijke loop van het water. Die bepaling zegt veel. De greppels hielden het land begaanbaar, en wie er één verlegde had meteen de buurman op zijn dak. De kaart ligt in het Drents Archief, in het archief van de marke Gasteren.
Het bos zelf verraadt de verdeling ook. Oorspronkelijk bestond het Holt vooral uit gewone vogelkers en es. Na de verdeling werden langs de rand van de zuides eiken geplant, als markering van de nieuwe grenzen. Het perceel is tegenwoordig eigendom van Het Drentse Landschap en wordt beheerd door Staatsbosbeheer.
Bekijk deze plek op de kaart →
Op de achtergrond: de luchtfoto van deze plek (PDOK).
Gegevens
- Ligging
- 53.02611, 6.67472
- Gebied
- Gasteren
- Zekerheid van de ligging
- hoog
In de buurt
- De vuurstenen dolkTen zuiden van Gasteren kwam in 1983 een vuurstenen dolk uit de midden-bronstijd boven, plus een afvalkuil met houtskool uit een kartering van 1981.410 m
- Het graf van 1949Bij Gasteren kwam in 1949 een crematiegraf met ringsloot boven, met bronzen ringen erbij. Het is een van de rijke ijzertijdgraven van Drenthe.600 m
Zuidesch GasterenDe Zuidesch van Gasteren ligt op potklei, en daar komt de steile overgang naar het beekdal van het Gasterensche Diep vandaan.750 m- Grafveld GasterenIn 1939 onderzocht Van Giffen bij Gasteren een grafveld dat door de heideontginning dreigde te verdwijnen: vierenveertig grafheuvels en 107 bijzettingen.850 m
- De beekvondstenUit het Gastersche Diep bij Gasteren kwamen in 1988 en 1990 laatmiddeleeuws aardewerk, leer, bot en ijzer, met een zwaardfragment en een lanspunt.1,1 km
- VoordeBij de brug ten zuiden van Gasteren lag tot 1610 de voorde waar de handelsweg Coevorden-Groningen het Gastersche Diep passeerde.1,1 km
Café Van ReinHet boerderij-café van Van Rein aan het Westeinde in Gasteren brandde in 1912 af, waarbij twee kinderen omkwamen, en in 1961 opnieuw.1,2 km- Vier markenBij de markesteen tussen Eext en Anderen raken de marken van Anloo, Gasteren, Eext en Anderen elkaar binnen een meter.1,2 km
- ≈ Anderse BoerholtHet verdwenen Boerholt van Anderen, in 1832 nog eenentwintig hectare kreupelhout in gemeenschappelijk bezit van de markgenoten.1,3 km
- UrnenveldIn het Overdijksveld bij Gasteren is een deel van een urnenveld opgegraven. Door ploegen en bemesten is er aan het oppervlak niets meer van over.1,3 km
Hemelsbreed gemeten, van dichtbij naar ver. Verschuif de band naar rechts voor de volgende.