Hunebed D9, midden in Annen
Hunebed·Prehistorie

Aan de Zuidlaarderweg, midden tussen de bebouwing van Annen, ligt hunebed D9. Het is een van de weinige hunebedden van Nederland dat niet in het bos, op de hei of tussen de akkers ligt. Er staat een klein restant. Het monument was ooit ongeveer 7 meter lang en 2,5 meter breed.
D9 was een ganggraf van de Trechterbekercultuur4000 tot 2700 v.Chr.Meer over deze periode, gebouwd in het Neolithicumca. 5325 tot 1900 v.Chr.Meer over deze periode. Het had vier dekstenen en acht draagstenen, met aan de ingang een portaal en aan de uiteinden sluitstenen. De kamer ligt vrijwel oost-west, op 85 graden, en de ingang wijst naar het zuiden, op 184 graden, volgens de meting van González-García en Costa-Ferrer (2003). Tegenwoordig zijn er nog twee dekstenen en meerdere draagstenen over. Al in 1918 was alleen het westelijke deel over en lag de oostkant open. Van Giffen leidde uit het karakter van een van de zijstenen af dat het graf minstens twee keer zo groot was geweest als het restant. De ontbrekende stenen uit de oostelijke helft zijn waarschijnlijk weggehaald als bouwmateriaal.
Het verlies is vroeg begonnen. In 1711 maakte L. Smids melding van een hunebed bij Annen. Petrus Camper bezocht het graf in 1768 en kwam een jaar later terug om zijn tekeningen te controleren. Zijn tekening van D9 is gedateerd 27 mei 1769 en laat zien dat toen al een groot deel van het graf was verdwenen. In 1809 of kort daarvoor vond J. Hofstede, broer van de drost, in het hunebed het fragment van een grote vuurstenen bijl. Hij stuurde het in april 1809 naar het Koninklijk Museum. Het ligt nu in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden.
In 1870 bood notaris C.E. Kniphorst uit Zuidlaren D9 samen met D8 als geschenk aan de provincie aan; de akte volgde in 1871. In 1878 tekenden de Britse onderzoekers William Collings Lukis en sir Henry Dryden hier een plattegrond en twee doorsneden. Ze raapten één scherf op. Die ligt nu in het British Museum.

Van Giffen noemde D9 in 1925 het "Hunebed van Noordloo". In 1918 lag het al direct langs wat toen de "grooten kunstweg Annen–Zuidlaren" heette, op oude foto's nog een smal pad met weinig bebouwing eromheen. Die weg is aangelegd om het verkeer om de open akkers van de Noordes heen en door het dorp te leiden. De oudere route, de Oude Groningerweg, liep als pad over de akkers en kwam vlak ten noorden van het graf op de weg uit. De Noordes ligt nu grotendeels onder een nieuwbouwwijk. Het tracé van de oude weg is als fietspad bewaard.
Albert Egges van Giffen groef het hunebed op van 25 april tot 19 mei 1952 en bracht de overgebleven stenen in kaart. De grond werd niet gezeefd. Het werk werd voortijdig afgerond, omdat de noordoostelijke zijsteen en de sluitsteen dreigden weg te zakken. Van Giffen kon ook vaststellen waar verdwenen stenen hadden gestaan. Een grote steen die eeuwenlang in de grond staat, laat een verkleuring in de bodem achter. Die plekken werden gemarkeerd met lage sokkels van cement en steengruis, plombes genoemd, die een centimeter boven het maaiveld uitsteken. Zo is op de plek te zien hoe het hunebed was opgebouwd.
Een deksteen was afgegleden en rond 1935 door dorpelingen neergelegd, omdat hij gevaarlijk was. In 1918 zag Van Giffen al een deksteen die vergleden was, ongeveer 45 graden gedraaid en deels in de kelder gezakt. Die steen en een van de zijstenen zijn van kwartsiet, de rest is graniet. In 1952 werd de steen opgevijzeld en teruggelegd. De staande stenen zijn na de opgraving in een mengsel van stenen en cement gezet, tegen verder wegzakken.
Uit de opgraving kwamen ongeveer 870 aardewerkscherven, waarvan er ongeveer 810 tot het trechterbekeraardewerk behoren, samen ongeveer 101 potten. De vondsten lagen ruim dertig jaar onbestudeerd in het depot, tot D.J. de Groot ze in 1988 publiceerde. Hij zet het gebruik van het graf vooral tussen 3200 en 3050 voor Christus, zo'n tweehonderd jaar. Daarna is er nog lang aardewerk in het graf gezet. Zo'n zestig jongere scherven komen van minstens acht potten, tot en met twee wikkeldraadpotten uit de Vroege bronstijd1900 tot 1575 v.Chr.Meer over deze periode, rond 2050–1850 voor Christus. Tussen de eerste en de laatste pot kan volgens De Groot wel 1450 jaar liggen.
Er waren ook drie vuurstenen bijlen, waaronder die uit 1809, en een crèmekleurige bijl van een andere steensoort. Verder elf dwarse pijlspitsen en vijf kralen, vier van git en één van barnsteen. Het git kwam waarschijnlijk uit Whitby in Noordoost-Engeland. Eén afslag, overgebleven bij het maken van een bijl, is van bleek paarsrood vuursteen dat alleen op Helgoland voorkomt en in Nederland nog niet in de keileem is gevonden. Met het barnsteen en het git wijst die splinter op contacten over grote afstand. Het Drents Museum registreert een vuurstenen bijl uit D9, gedateerd rond 3400–2900 voor Christus. De vondsten zijn inmiddels verspreid over museumcollecties en archeologische depots.
Botten en crematieresten zijn niet gevonden. Dat komt deels doordat niet werd gezeefd en vooral door de bodem, waarin bot weinig kans heeft. Hoeveel mensen hier begraven zijn, valt niet te zeggen.
Eén verdwenen deksteen is misschien teruggevonden. In de jaren zestig ploegde landbouwer Tammenga bij Noordloo, in de omgeving van de oude grens tussen Annen en Zuidlaren, een grote zwerfsteen op. Die werd als markesteen gebruikt en kwam later bij een inrit aan de Lageweg in Schuilingsoord terecht. In 1991 zag amateurarcheoloog Fokko ten Hoor dat de steen twee opvallende boorgaten had, en hij vroeg zich af of het een deksteen van D9 kon zijn. De steen bleek groot genoeg en zou passen bij een positie die Van Giffen met een plombe had gemarkeerd.
Bewijs is er niet. De oorspronkelijke deksteen is nooit officieel geïdentificeerd, en ooggetuigen uit de tijd waarin de steen als grenspaal diende zijn er niet meer. Het hunebed is te onvolledig voor een betrouwbare reconstructie. De steen is daarom niet aan het monument toegevoegd, maar ligt op de plaats die volgens de manuscriptkaart van de markescheiding uit 1812 bij de grens hoorde.
In die ene steen komen drie landschappen samen: het prehistorische graf, het markesysteem en het moderne dorp. Toen D9 werd gebouwd lag het waarschijnlijk in open land buiten de latere dorpskern. De stenen werden verplaatst, een deel van de plattegrond verdween, de omgeving werd bebouwd, en het hunebed is zelfs een tijdlang als fietsenstalling gebruikt.
Bekijk deze plek op de kaart →
Deze plek is stap 5 van 6 in de verhaallijn Stenen als handelswaar. Lees de hele lijn.
Deze plek is stap 6 van 6 in de verhaallijn Van Giffen graaft. Lees de hele lijn.
Op de achtergrond: de luchtfoto van deze plek (PDOK).
Gegevens
- Ligging
- 53.06144, 6.71538
- Gebied
- Annen
- Cultuur
- Trechterbekercultuur
- Zekerheid van de ligging
- hoog
In de buurt
- Molen van DekensAan de Zuidlaarderweg in Annen stond de korenmolen van Dekens; er ligt nog een molensteen in de stoep en hij staat op Schuilings schoolplaat van 1912.600 m
Huishoudschool AnnenIn Ons Dorpshuis in Annen zat vanaf 1948 de landbouwhuishoudschool, waar meisjes uit Schipborg, Eext, Anderen en Rolde leerden koken, naaien en boekhouden.860 m- Telefoonkantoor AnnenIn 1911 kwam het eerste telefoonkantoor van Annen ten huize van de joodse weduwe Kreuntje Wolf-ten Bosch, waarschijnlijk aan De Wolden 5.870 m
Brink van AnnenMidden in Annen ligt een brink van ruim driehonderd meter, volgens de historische vereniging de grootste van Drenthe; hier stonden de zaadbulten.930 m
BerekuilDe Berekuil in het Strubben-Kniphorstbos is een uitgestoven laagte waar Anner boeren zand weghaalden voor dijken in het Hunzedal; het zand ligt er nog open.960 m- Hunebed D8bD8b in het Kniphorstbos bij Anloo is een ontmanteld hunebed waarvan de dekheuvel nog als flauwe ovale laagte met een rand herkenbaar was.1,0 km
- Brand 1871Op 31 januari 1871 brandden in de oudste hoek van Annen zeven huizen af; zes zijn herbouwd, één gat in het dorp is nooit meer gedicht.1,0 km
Grafheuvels KniphorstboschIn het Kniphorstbosch bij Anloo liggen twee grafheuvels; Van Giffen groef de oostelijke in 1952 op en vond een heuvel in twee perioden.1,1 km
Hunebed D8aD8a in het Kniphorstbos bij Anloo is een geheel ontmanteld hunebed, in 1992 ontdekt in een kaalslag; van het monument rest een vergraven kuil.1,1 km- Roelof SchuilingRoelof Schuiling werd in 1854 in Annen geboren; op het brinkje voor Kruisstraat 15 staat sinds 2016 een gedenkteken voor hem.1,1 km
Hemelsbreed gemeten, van dichtbij naar ver. Verschuif de band naar rechts voor de volgende.
Bronnen
- hunebednieuwscafe.nl – hunebed d9 annen
- DBNL, Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren
- annentoen.nl
- drentsmuseum.nl
- hunebednieuwscafe.nl – de typologie van noordwest europese megalithische grafconstructies onder de loep genomen deel 3 het ganggraf
- sidestone.com
- hunebeddeninfo.nl
- doi.org
- ugp.rug.nl
- Wikipedia