De Jacobuskerk van Rolde, waar de Etstoel het vaakst zat
Plek met een verhaal·Later gebruik

In de kerk van Rolde kwam het hoogste rechtscollege van Drenthe bijeen. Rolde was de hoofdplaats van het landschap. Dat is aan dit gebouw af te lezen. De Etstoel, een vergadering van etten onder voorzitterschap van de drost, zat drie keer per jaar. Twee keer hier, één keer in de Magnuskerk van Anloo.
Die zittingen heetten lottingen. Hun dagen en plaatsen lagen vast: de tweede maandag na Pasen, de dinsdag na Pinksteren en 19 augustus, de feestdag van Sint Magnus.
Tot 1688 zat de Etstoel in het koor. Sinds 1964 is dat weer te zien. Toen schonk de provincie een reeks gebrandschilderde ramen van glazenier Joep Nicolas, waarvan er zes de Drentse dingspelen tonen, de rechtsgebieden waarin het landschap was verdeeld. Een verwijzing in glas-in-lood naar een rechtbank die er bijna drie eeuwen eerder was vertrokken.
Aan wie de kerk gewijd was, weet niemand zeker. De naam die hij nu draagt is misschien niet de oudste. P.N. Noomen wees erop dat pastoor Frederik van Rolde in 1311 en 1320 zegelde met Maria en het kind Jezus. Pastoors voerden vaak juist de patroonheilige van hun kerk in hun zegel. Ook het landszegel van Drenthe, dat de Etstoel gebruikte, toont Maria met het kind. Zulke landszegels namen doorgaans de heilige over van de kerk waar het gerecht bijeenkwam. Daar werden de eden gezworen, op haar relieken. Magnus, van de derde zitting in Anloo, komt op geen enkel Drents landschapszegel voor. Twee van de drie lottingen vonden in deze parochie plaats. Maria is daarmee de waarschijnlijkste patroon van Rolde.

De huidige naam kwam uit de grond. Op de plaats van een altaar werd bij een restauratie een jacobsschelp gevonden, het pelgrimsteken van Santiago. Dat is waarschijnlijk de reden dat de kerk naar Jacobus heet. Er ligt hier ook een vroeg-twaalfde-eeuws sarcofaagdeksel met een biddende mannenfiguur, net als in Anloo.
De eerste houten kerk van Rolde stond er omstreeks 900. De huidige is vijftiende-eeuws en werd in omgekeerde volgorde gebouwd. Eerst de toren. Waarschijnlijk door Johan die Werckmeister, en daarna pas de kerk.
Het gebouw heeft het bijna niet gehaald. De restauratie van 1854 pakte slecht uit: de gewelven en de triomfboog gingen eruit en het dak werd verlaagd. Daarna waren er zelfs plannen om het gebouw te slopen en er nieuwbouw voor in de plaats te zetten. Die gingen niet door. Het duurde tot na 1945 voordat herstel dringend werd genoemd en tot 1961 voordat er werd begonnen, met een opgraving vooraf. Toen kreeg de kerk zijn oorspronkelijke hoogte terug, en kwamen het koorgewelf en de triomfboog terug op hun plaats.

Onder de vloer lagen drie voorgangers. De opgraving liet zien dat er niet één maar drie kerken aan de huidige vooraf zijn gegaan: twee houten kerken en daarna een romaanse kerk van baksteen, van omstreeks 1200. Die bakstenen kerk was drieschepig en had een versmald rechthoekig koor. Volgens Regnerus Steensma in "Langs de oude Drentse kerken" heeft men bij de bouw mogelijk het voorbeeld van de drieschepige houten voorganger gevolgd. Een kerk die in steen herhaalt wat er in hout stond.
Van 1643 tot 1648 stond hier Johan Picardt op de kansel. Hij bediende zijn gemeente vanuit Rhee. Twaalf jaar later zou hij het eerste geschiedenisboek over deze streek schrijven, de "Korte Beschryvinge van eenige Vergetene en Verborgene Antiquiteten" uit 1660. Hij preekte dus in de kerk waar de Etstoel op dat moment nog twee van zijn drie zittingen hield. Diezelfde Picardt beschreef ook de Balloërkuil als een oude vergaderplaats met zitplaatsen van aarde, de plek waarvan tot op vandaag niet vaststaat of er ooit recht is gesproken.
Er was ook kerkelijk recht. De rechtspraak die hier zetelde had een kerkelijke tegenhanger. Daarin ligt de verklaring waarom uitgerekend Rolde en Anloo allebei zo zwaar wegen. Rolde was een van de zes seendkerken van Drenthe, de kerken waar het kerkelijk gerecht bijeenkwam. De andere waren Diever, Beilen, Anloo, Vries en waarschijnlijk Sleen of Emmen. Waarschijnlijk vielen die zes seenddistricten samen met de zes dingspelen van de wereldlijke rechtspraak. Wereldlijk en kerkelijk recht deelden dus hun kaart, en deze twee kerken staan allebei op een knooppunt daarvan.
Sint Christoffel is hier twee keer verdwenen. In 1929 werd tegen de torenmuur een schildering van Sint Christoffel gevonden en hersteld. Bij een opknapbeurt in de jaren veertig verdween hij opnieuw. Bij de restauratie zijn er alleen nog enkele rode lijnen van teruggevonden.
Bekijk deze plek op de kaart →
Deze plek is stap 1 van 6 in de verhaallijn Conflicten. Lees de hele lijn.
Op de achtergrond: de luchtfoto van deze plek (PDOK).
Gegevens
- Ligging
- 52.98881, 6.64567
- Gebied
- Rolde
- Zekerheid van de ligging
- hoog
In de buurt
- Graf Geert KoopsHet oudste grafteken op de begraafplaats van Rolde is uit 1829: een postament voor timmerman Geert Koops, met zijn gereedschap erop.140 m
Bevrijding HoofdstraatOp 12 april 1945 reden Canadezen de Hoofdstraat van Rolde in, tussen gemeentehuis en hotel Wageningen; een dag later kwamen Franse para's.160 m- ≈ Voorloper van RoldeOnder de begraafplaats van Rolde lagen twee nederzettingen: een uit de late ijzertijd en een uit de zesde tot achtste eeuw, vermoedelijk de voorloper van het dorp.200 m
Hunebed D18Hunebed D18 in Rolde is waarschijnlijk het meest afgebeelde van Nederland, door de eik die er tot 1984 boven stond en toen weg moest.250 m- Huissjoel RoldeHet huis in Rolde waar in een aparte kamer kerk werd gehouden; in 1937 kwam er achter het behang een schildering van Abrahams offer tevoorschijn.280 m
Hunebed D17In 1847 bood het markebestuur van Rolde hunebed D17 te koop aan. Na landelijk protest kocht het Rijk het in 1872 voor honderdvijftig gulden.280 m
Station RoldeHet station van Rolde was tweeënveertig jaar open, van 1905 tot 1947; het gebouw uit 1903 is van architect Eduard Cuypers.340 m
Hamel in De BoerdennenDe Rotterdamse schapenschilder Willem Hamel kocht in 1890 het herenhuis De Boerdennen in Rolde; in de kerk hing zijn doek van de Rolder scheper.350 m
BalloërkuilDe Balloërkuil geldt als oeroude gerechtsplaats, maar het stuifzand is er te jong voor en het Landrecht noemt hem niet.490 m
Molen van RoldeDe korenmolen van Rolde uit 1873 staat op een heuveltje zonder inrit: een grondzeiler en geen beltmolen. Tot 1919 had het dorp er twee.500 m
Hemelsbreed gemeten, van dichtbij naar ver. Verschuif de band naar rechts voor de volgende.