Landschapssporen

Rolde

Hunebed D17, in 1847 te koop aangeboden

Hunebed·PrehistorieBekijk de kaart

Hunebed D17, in 1847 te koop aangeboden
Hunebed D17 tussen 1893 en 1898. Links staat de boom die naast het hunebed hoorde, rechts de stronk van de boom die in 1891 sneuvelde; helemaal rechts zit een man tegen de stenen. Het glasnegatief kwam later in het bezit van Van Giffen. · Foto: Collectie Drents Archief (DA3041707), opname Johannes Gerhardus Kramer – Publiek domein

Hunebedden D17 en D18 liggen pal achter de grote kerk in het centrum van Rolde, aan de oostkant van de algemene begraafplaats, en staan samen bekend als de Rolder Tweeling. De registratie behandelt ze als één terrein en schrijft beide hunebedden toe aan de Trechterbekercultuur4000 tot 2700 v.Chr.Meer over deze periode.

Samen hebben ze een geschiedenis die laat zien hoe kort monumentenzorg eigenlijk nog maar bestaat. In 1847 deed het Rolder markebestuur beide hunebedden in de uitverkoop, met de reële mogelijkheid dat ze gesloopt zouden worden. Dat leidde tot protest, eerst in de provincie en daarna in het hele land. Landmeters hadden de stenen op 200 gulden geschat. De verkoop werd opnieuw aangekondigd voor 11 januari 1848, maar ging niet door. Volgens J.W. Okken waren de verdeeldheid onder de markeHet gezamenlijke grondgebied van een dorp: de heide, het veen en de weiden die de boeren samen gebruikten, en ook de vereniging van boeren die erover besliste. Wie er rechten in had, heette markegenoot.Alle begrippen en de druk van buiten te groot geworden. Een voorstel om de hunebedden aan de provincie te schenken werd verworpen; bij meerderheid besloten de markegenoten ze, net als de brinkHet open, gemeenschappelijke plein in een esdorp, vaak met bomen en een drinkpoel, waar het vee werd verzameld voordat het naar de heide of de weide ging.Alle begrippen, gemeenschappelijk te houden. Het plan voor de scheiding van de marke werd op 18 april 1848 goedgekeurd. Over de vraag hoe de overheid hunebedden kon verwerven, werd daarna nog jaren gesteggeld. Eind 1872 ging D17 alsnog naar het Rijk; de akte is van 13 november. Okken houdt het op 150 gulden voor de twee samen. Volgens Van Giffen kocht de Staat D18 apart, bij akte van 7 oktober 1873, van H. Eggen en de zijnen te Rolde.

De belangstelling begon vroeg. Lang is gedacht dat ze al in 1547 op papier staan. Schonhovius noemde toen een hunebed 'bij Rolde' de Duvels Kut, en Jan Albert Bakker nam in 1979 aan dat D17 en D18 bedoeld waren. In 1992 twijfelde hij, omdat de oude kaarten de Duvels Kut tussen Anloo en Vries tekenen en Schonhovius in 1588 niet meer 'bij Rolde' schrijft. Bakker in 2002 en 2003 en Wijnand van der Sanden in 2007 hielden het Rolder paar toch voor aannemelijk. In 2014 stelde Van der Sanden vast dat het met zekerheid om D10 bij Gasteren gaat.

Hunebed D17 in 1965. De dekstenen liggen nog altijd deels in de grafkamer in plaats van erop, en rechts staat de eik die Van Giffen al roemde – de boom die later door de bliksem werd uitgehold en sindsdien met teer en ijzeren pennen overeind wordt gehouden.
Hunebed D17 in 1965. De dekstenen liggen nog altijd deels in de grafkamer in plaats van erop, en rechts staat de eik die Van Giffen al roemde – de boom die later door de bliksem werd uitgehold en sindsdien met teer en ijzeren pennen overeind wordt gehouden. · Beeld: Fotocollectie Van de Poll, Nationaal Archief (254-5163), opname Willem van de Poll – CC0

Op de grondschattingskaart van Rolde heten de twee Reuzenstien. Johan Picardt, die in de kerk ernaast had gepreekt, noemde zulke bouwsels in 1660 Steen-Hoopen en zag er de graven van mensenetende reuzen in. Op 12 augustus 1706 groeven Johannes Hofstede en schulteHet hoofd van een kerspel, aangesteld door de drost. Hij inde belastingen, hield toezicht en sprak recht in kleine zaken.Alle begrippen Kymmell een kuil in de grafkamer van D17 – een halve eeuw voor Van Lier bij het hunebed van Eext. In de afschriften van het verslag staat S. Hofstede, maar die naam komt in de Drentse archieven niet voor. Wat ze vonden beschrijven ze met zichtbaar plezier: onder meer een "blaauwe pot … bemaalt met vergulde strepen, die van tusschen het blauw hene glinsterde een aangename vertoning gaven". Hofstede hield een deel van de potten voor voorraad voor de doden, eten en drinken in het graf. Volgens Bakker (2010) verklaarde niemand het aardewerk in een hunebed eerder zo; gedrukt werd het verslag pas in 1848.

En hier ligt het begin van de hunebedfotografie. Rond 1864 maakten de Asser fotografen W. van Uije en B.J. Somer twee opnamen van D17 en D18, op het formaat van een visitekaartje. Die twee foto's zijn later in het Drents Archief beland en gelden voor zover bekend als de oudste foto's van hunebedden die er zijn – ouder dan de stereofoto's die Friedrich Julius von Kolkow van een reeks Drentse hunebedden maakte. In 1905 werkte de onderzoeker W.J. de Wilde (1860-1936) hier. Bijna nooit bleef hij bij Rolde alleen, want de hunebedden trokken veel bezoekers. Hij hoorde er het verhaal dat koning Lodewijk Napoleon met zijn paard op het hunebed was gesprongen. Als dat ooit gebeurd is, schrijft zijn biograaf Wout Arentzen, dan tussen 12 en 14 maart 1809, tijdens het bezoek van de koning aan Drenthe. De Wilde plaatste de sprong zelf uiteindelijk bij D45 in de Emmerdennen. In september 1906 fotografeerde hij de Rolder hunebedden op glasplaten van 13 bij 18 centimeter, de eerste opname om kwart over drie, de tweede om twintig over drie.

In 1876 kwam de Franse reisschrijver Henry Havard door Rolde. Hij zag de twee hunebedden midden in de esDe hoge, gezamenlijke akker van een esdorp. De boeren hadden er elk hun eigen stroken, maar de es werd als geheel omheind. Door eeuwen bemesting met plaggen is de grond er dik en bol geworden.Alle begrippen liggen, tussen het rijpe koren, op honderd passen van de kerk. Het grootste van de twee was volgens hem gesloopt door een boom. Die had een van de zware stenen bijna helemaal in zijn bast opgenomen. Van Giffen vond in 1918 tussen twee zuidelijke zijstenen van D17 de stomp van een eik. Die had een van de twee naar binnen gedrukt.

Van Giffen trof D17 in “droevigen staat” aan: de 8 dekstenen waren deels gebroken, verschoven of in de grafkamer gevallen, en de 18 zij- en sluitstenen stonden uit het lood. Volgens het rapport van Hofstede lag het hunebed er in 1706 al zo bij. De fraaie eik die hij noemde staat er dankzij veel kunst- en vliegwerk nog steeds.

Van Giffen zag in 1918 geen steenkrans en rekende D17 tot de portaalgraven, met één paar poortstenen. Twee van de zijstenen zijn de helften van één langwerpig zwerfblok, dat in de lengte is gespleten. Pan rekende in de Drentsche Volksalmanak voor 1849 uit dat de zwaarste deksteen van Rolde 16.312 Nederlandse ponden woog, ruim zestien ton. Welk van de twee hunebedden hij bedoelde, zegt hij niet.

D17 bestaat uit 16 draag- en acht dekstenen – 8 paar, met een grafkamer van 12 meter – 2 poortzijstenen in de ingang, en van de steenkrans zijn er mogelijk nog 2 over. Daarmee is D17 1,5 meter langer dan zijn tweelingbroer. Tussen 1957 en 1968 is er meermalen aan gerestaureerd.

De grafkamer ligt niet pal oost-west. In 2003 publiceerden twee astronomen van het Kapteyn Instituut in Groningen de richting van tweeënvijftig Nederlandse hunebedden, gemeten met kompas en hellingmeter. D17 wijst naar 108 graden, iets ten zuiden van oost, met de ingang naar het zuidzuidwesten. Zijn buurman D18 wijst naar 87 graden, vrijwel pal oost. Daarmee volgen ze het gewone patroon. Bijna alle Nederlandse hunebedden liggen ruwweg oost-west, met de ingang aan de zuidkant. Dat patroon en wat de astronomen eruit afleiden, staat in het verhaal over de Trechterbekercultuur4000 tot 2700 v.Chr.Meer over deze periode.

Bekijk deze plek op de kaart →

Deze plek is stap 1 van 7 in de verhaallijn Stenen als handelswaar. Lees de hele lijn.

Op de achtergrond: de luchtfoto van deze plek (PDOK).

Gegevens

Ligging
52.99007, 6.64934
Gebied
Rolde
Cultuur
Trechterbekercultuur
Zekerheid van de ligging
hoog

In de buurt van deze plek

  1. Hunebed D18Hunebed D18 in Rolde is waarschijnlijk het meest afgebeelde van Nederland, door de eik die er tot 1984 boven stond en toen weg moest.50 m
  2. Graf Geert KoopsHet oudste grafteken op de begraafplaats van Rolde is uit 1829: een postament voor timmerman Geert Koops, met zijn gereedschap erop.150 m
  3. ≈ Voorloper van RoldeOnder de begraafplaats van Rolde lagen twee nederzettingen: een uit de late ijzertijd en een uit de zesde tot achtste eeuw, vermoedelijk de voorloper van het dorp.150 m
  4. Graf Harry MuskeeHarry Muskee van Cuby + Blizzards ligt begraven achter de Jacobuskerk in Rolde. Hij bleef in Drenthe om de rust, de ruimte en de natuur.220 m
  5. Jacobuskerk RoldeIn de Jacobuskerk van Rolde kwam de Etstoel twee van zijn drie jaarlijkse zittingen bijeen; de derde was in de Magnuskerk van Anloo.280 m
  6. Hamel in De BoerdennenDe Rotterdamse schapenschilder Willem Hamel kocht in 1890 het herenhuis De Boerdennen in Rolde; in de kerk hing zijn doek van de Rolder scheper.330 m
  7. Bevrijding HoofdstraatOp 12 april 1945 reden Canadezen de Hoofdstraat van Rolde in, tussen gemeentehuis en hotel Wageningen; een dag later kwamen Franse para's.360 m
  8. Huissjoel RoldeHet huis in Rolde waar in een aparte kamer kerk werd gehouden; in 1937 kwam er achter het behang een schildering van Abrahams offer tevoorschijn.480 m
  9. Station RoldeHet station van Rolde was tweeënveertig jaar open, van 1905 tot 1947; het gebouw uit 1903 is van architect Eduard Cuypers.530 m
  10. Schultehuis RoldeAan de Grote Brink in Rolde staat het zogenaamde schultehuis, waar mr. Hendrik Homan woonde, 48 jaar burgemeester en de laatste uit een familie van schulten.560 m

Hemelsbreed gemeten, van dichtbij naar ver. Verschuif de band naar rechts voor de volgende.