De bomkrater ten zuiden van de schietbaan
Plek met een verhaal·Later gebruik

Ten zuiden van de schietbaan ligt een ronde kuil die uit de lucht is gekomen. Volgens ooggetuigen wierp een Engelse Lancaster boven dit gebied een deel van zijn bommenlast af om te ontsnappen aan een Duitse jager. De archeoloog Sake Jager schreef in 1993 dat de vluchtroute van die bommenwerper uit de achtergebleven kraters te reconstrueren zou zijn. De cultuurhistorische inventarisatie van 2007 tekende er vier op, met een voorbehoud erbij. Alleen de krater direct ten zuiden van de schietbaan is ook echt in het veld aangetroffen, en van de andere drie kunnen de locaties afwijken.
Deze is die ene. Op het eigen hoogtebeeld ligt hij er onmiskenbaar: een scherp begrensde ronde kuil van een meter of tien doorsnede, in het midden ruim een meter dieper dan het vlakke land eromheen, met een lichte opgeworpen rand die er als een ring omheen ligt. In de wijde omgeving is geen tweede vorm te vinden die er zo uitziet. De andere laagtes hier zijn langgerekt, of het zijn de sporen van karren en zandwinning. Hij ligt achttien meter van het punt dat de inventarisatie ervoor opgeeft, en dat is dezelfde marge waarmee die kaart ook de Galgenberg en het driemarkenpunt raakt.
De reconstructie van de vluchtroute lukt met deze vier punten niet. Ze liggen niet op een lijn. Legt men de best passende rechte door alle vier, dan ligt geen van de kraters er dichter dan honderdzeventig meter bij, over een spreiding van nog geen twee kilometer. Zoekt men op de drie onzekere punten in het hoogtebeeld naar dezelfde vorm als hier, dan komen er per punt meerdere kandidaten boven op tientallen tot honderden meters afstand, en geen daarvan is aan te wijzen als de goede. Dat is geen weerlegging van Jager, want drie van zijn vier punten waren zelf al bij benadering. Het is wel de stand: één krater is hard, de route niet.
Het gebied was tot ver na de oorlog militair oefenterrein, met een schietbaan honderdzestig meter hiervandaan en een gebouw van Defensie op tweehonderd meter. De krater kwam dus uit de lucht, midden in een terrein dat vanaf de grond werd gebruikt.
Bekijk deze plek op de kaart →
Op de achtergrond: het reliëf uit het AHN.
Gegevens
- Ligging
- 53.06864, 6.69022
- Gebied
- Strubben-Kniphorstbos
- Zekerheid van de ligging
- hoog
In de buurt
SchietbaanDe schietbaan in het Strubben-Kniphorstbos heeft nog houten schietkokers gevuld met grind, een oefenmethode die in Nederland niet meer bestaat.170 m- BorckermeerHet Borckermeer bij Schipborg was in 1332 een grenspunt tussen marken; rond 1900 drooggelegd, ligt de kom nog als laagte in de akker bij de N34.370 m
- Drie podzolenTheo Spek vond in het Strubben-Kniphorstbos drie haarpodzolen boven elkaar: bewijs voor eeuwenlange verstuiving langs de karrensporen.480 m
- ≈ BorkerholtOver het Borkerholt, het markebos van Schipborg, is tussen 1332 en 1610 onophoudelijk geprocedeerd; na de oorlog moest elke boer er vier eiken planten.520 m
- AddersveentjeHet Addersveentje bij Schipborg is een uitgeveende natuurlijke laagte en een van de laatste drie open watertjes van het Strubben-Kniphorstbos.540 m
De EschOp de es bij Schipborg is in 1960 een dolk van Frans Grand-Pressigny-vuursteen gevonden, mogelijk uit een vernield laat-neolithisch graf.590 m- DriebergenBij Schipborg liggen zes grafheuvels op een boog die een prehistorische route over de Hondsrug markeert; uit één kwamen klokbekers en een bronzen dolk.620 m
DriemarkenpuntWaar de marken van Annen, Anloo en Zuidlaren samenkwamen, eindigde een van de langste markeprocessen van Drenthe: een ruzie over schapen.650 m- HandgranatenbaanDe handgranatenbaan in het Strubben-Kniphorstbos: een veldje met een kelder en houten schotten, aangelegd over een grafheuvel heen.710 m
LoopgraafEen geknikte gegraven gang van 76 meter in het Strubben-Kniphorstbos bij Anloo, volgens Elerie een loopgraaf uit de Tweede Wereldoorlog.770 m
Hemelsbreed gemeten, van dichtbij naar ver. Verschuif de band naar rechts voor de volgende.