De Schipborg, de modelboerderij van Berlage
Plek met een verhaal·Later gebruikBekijk de kaart

Aan de Borgweg bij Schipborg staat een groot rechthoekig hofcomplex van 70 bij 70 meter, met een lange oprijlaan door het land: de modelboerderij die H.P. Berlage in 1914 en 1915 voor de familie Kröller-Müller op de heide zette. Op de hoogtekaart springt het eruit juist omdat het zo weinig op zijn buren lijkt, een complex van rechte lijnen in een landschap van kromme.
Het begon met goedkope grond. In 1908 kocht de Rotterdamse havenbaron Anton Kröller heidegrond van boeren uit Schipborg, en zaakwaarnemer Frans Tijmstra bracht tussen 1906 en 1909 zo'n honderdtweeëntachtig hectare bij elkaar, van tien verschillende eigenaren, voor naar schatting geen 10.000 gulden samen. Het was heide en het gold als waardeloos. Van boer Albert Schuiling gaat het verhaal dat hij zeven hectare verkocht voor één pond tabak; of dat waar is zegt de bron er niet bij. Met hulp van de Heidemij groeide het binnen vijf jaar uit tot een landgoed van 172 hectare, klaargemaakt met een stoomploeg van twintig ton, waarvan ongeveer honderdtwintig hectare tot bouwland is ontgonnen.
Kröller wilde het gehucht bovendien uit zijn isolement verlossen. Hij kreeg toestemming de zandweg van Zuidlaren naar Anloo te verharden, en wilde voor 40.000 gulden zelfs de tramlijn Groningen-Stadskanaal omleggen. Dat laatste lukte niet; wel kwam er tijdelijk een spoorlijntje vanaf station Vries-Zuidlaren voor de bouwmaterialen. Er waren ook serieuze plannen voor een spoorlijn van Hoogezand via Zuidlaren, Schipborg, Anloo en Eext naar Assen, en die is er nooit gekomen.

De opdracht kwam van Helene Kröller-Müller. Zij werd in 1869 geboren in Horst bij Essen, als dochter van een Duitse industrieel, en trouwde in 1888 met Anton Kröller, die daarna het bedrijf van haar vader leidde. Tussen 1907 en 1922 bracht zij bijna elfduizend kunstwerken bijeen, een van de grootste particuliere verzamelingen van de twintigste eeuw, en vanaf begin 1913 was die in Den Haag op afspraak te zien. In juni van dat jaar trad H.P. Berlage als huisarchitect bij het bedrijf in dienst. In september gaf zij hem de opdracht voor Schipborg: een volledig zelfvoorzienend bedrijf voor haar oudste zoon, op een terrein van tweehonderd hectare. Samen kozen ze voor een hofboerderij, een type dat vooral in Limburg voorkomt. Waar de Drentse hallenhuisEen boerderij waarin mens en vee onder één dak woonden, met een brede middenruimte tussen twee rijen staanders.Alle begrippen organisch met het erf meegroeide, is dit een ontwerp: symmetrisch, met een duidelijke as in het landschap. Het gebouw hoort bij een generatie landbouwhervormers die dachten dat de boerenbedrijfsvoering te moderniseren was door haar opnieuw te tekenen.
De plattegrond is een U. In de oostvleugel lag een enorme koeienstal, in de westvleugel die voor varkens en paarden, en de binnenplaats met paardenwed wordt afgesloten door een muur met een toegangspoort waarin de naam van de boerderij staat. Die drinkplaats is omzoomd door acht pilaren met lantarens. De afwerking liep door tot 1917. Bart van der Leck tekende het reclamedrukwerk voor 'Eenden- en hoenderpark De Schipborg'.
Bij de boerderij hoorden dienstwoningen die op hun manier net zo modern waren als het hoofdgebouw. Naar plannen van H. van der Velde zijn ze in 1921 uitgevoerd in een houten prefabsysteem, geleverd door de firma Christoph & Unmack uit Silezië: kant-en-klare woningbouw, per spoor geïmporteerd uit Midden-Europa en neergezet op de Drentse heide. De arbeiderswoning Borgweg 56 en de opzichterswoning De Hunneborg op Borgweg 64 zijn ervan over.
Zelfvoorzienend bleek geen garantie voor bestendigheid. De ontginning stond tot 1920 onder beheer van rentmeester J.H. Memelink; zoon Anton junior woonde er tot eind 1925, vertrok in 1926 naar een nieuwe modelboerderij in De Harskamp, en De Schipborg ging naar graaf M.F. Droste zu Vischering uit Darfeld in Westfalen. Het Kniphorstbos hoorde er toen bij: van 1926 tot zeker 1932 liet de modelboerderij er elk jaar hout publiek verkopen, en in 1926 wees jachtopziener Hollander de percelen aan. In 1933 kwam De Schipborg aan P.L. Willinge Prins, in de oorlog vorderden de Duitsers hem, in 1947 verviel hij via het Besluit Vijandelijk Vermogen aan de Nederlandse staat, en in 1949 werd hij verkocht aan F. Goossen, uit een vervenersfamilie uit de Groninger veenkoloniën die hem nog steeds bezit. Zes eigenaren in vijfendertig jaar, voor een bedrijf dat was gebouwd om zichzelf te bedruipen.
Willinge Prins werd na de bevrijding burgemeester van Anloo. Bij zijn overlijden in 1950 schreef een krant dat hij in de bezetting korte tijd door de Duitsers als gijzelaar was vastgehouden, "naar aanleiding van een in de omgeving gepleegde moord". Welke moord, staat er niet bij.
En de opdrachtgeefster? Haar verzameling werd in 1938 een rijksmuseum op de Hoge Veluwe, met haarzelf als eerste directeur, tot ze in december 1939 in Otterlo stierf. Schipborg was toen al 13 jaar uit de familie.
Bekijk deze plek op de kaart →
Op de achtergrond: het reliëf uit het AHN.
Gegevens
- Ligging
- 53.05863, 6.67903
- Gebied
- Schipborg
- Zekerheid van de ligging
- hoog
In de buurt van deze plek
- Bekervondsten De SchipborgBij De Schipborg vonden arbeiders in 1959 een beker van de enkelgrafcultuur en een klokbeker in een kuil: nederzetting of toch een graf?290 m
- LeemdobbeIn het bos bij Schipborg ligt een plas met rododendrons die de dorpssite de leemdobbe noemt: hier haalde men leem voor de deelvloer, en bij de markescheiding van 1849 bleef hij erbuiten.380 m
Archeologisch reservaatDe Strubben-Kniphorstbos is 377 hectare groot en sinds 2000 het enige archeologische reservaat van Nederland, met sporen van steentijd tot middeleeuwen.390 m
Hunebedden D7/D8D7 en D8 liggen een paar honderd meter uit elkaar in het Strubben-Kniphorstbos; D7 is pas in 1822 voor het eerst op papier vermeld, ruim een eeuw na zijn buurman.460 m- Paraboolduin StrubbenIn de Strubben ligt een hoefijzervormig duin van dekzand met een kom erin. Op de rug liggen brandheuvels uit de late ijzertijd.590 m
- Nederzetting trechterbekertijdOp een lage zandrug ten zuiden van het Boekweitenveentje woonden mensen uit de trechterbekertijd en de vroege bronstijd, vlak bij de keileem.710 m
- SchapendriftAan de Schapendrift bij Schipborg komt sinds 1965 vuursteen boven: mesolithische werktuigen en bijlfragmenten en aardewerk van de trechterbekercultuur.770 m
BoekweitenveentjeEen vlakke, natte laagte in de Strubben, uitgeblazen aan het eind van de ijstijd, met een dun laagje veen op een harde podzol.780 m- Greppels tegen leverbotGreppels in het Kniphorstbos die veentjes afwaterden: natte heide betekende leverbot bij de schapen, droge heide een gezondere kudde.780 m
KarrensporenIn de Strubben ligt een bundel karrensporen van ruim honderd meter breed, uitgesleten door de route over de Hondsrug.810 m
Hemelsbreed gemeten, van dichtbij naar ver. Verschuif de band naar rechts voor de volgende.
Bronnen
- OpenStreetMap
- DBNL, Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren
- schipborg.info
- Landschapsbiografie van de Drentsche Aa
- Delpher (Koninklijke Bibliotheek) (1)
- Delpher (Koninklijke Bibliotheek) (2)
- Delpher (Koninklijke Bibliotheek) (3)
- Delpher (Koninklijke Bibliotheek) (4)
- oorlogsgravenstichting.nl
- Delpher (Koninklijke Bibliotheek) (5)
- hdl.handle.net
- biografischwoordenboekgelderland.nl
- tijdlijn.krollermuller.nl