De Hondsrug: een ijsstroom die het landschap kneedde
Plek met een verhaal·IJstijden en bodem
Het Evertsbos ligt op een van de hogere delen van de Hondsrug, een rechte rug van ongeveer zeventig kilometer lang en plaatselijk meer dan drie kilometer breed, die van Groningen naar Zuidoost-Drenthe loopt. Op de hoogtekaart zie je hem als een brede, licht bolle band die zich kilometers door het landschap uitstrekt. Hij loopt van ruim twee meter boven NAP in het noorden op tot achtentwintig meter op zijn hoogste punt, in het zuidoosten bij Emmen.
De Hondsrug ontstond aan het einde van de voorlaatste ijstijd, het Saalien250.000 tot 130.000 jaar geleden, de ijstijd die Drenthe onder landijs bedolfMeer over deze periode, ongeveer 150.000 jaar geleden. Een tientallen kilometers brede ijsstroom kwam vanuit het noordwesten op gang en versnelde in zuidoostelijke richting, tot in het bekken van Münster; hij bewoog door landijs heen dat veel langzamer ging of zelfs stillag. De druk en de schuifkracht vormden lange, parallelle ruggen en dalen in de ondergrond. Geologen noemen zulke gestroomlijnde subglaciale vormen megaflutes, en het Hondsrug-complex is het enige stelsel daarvan op het Europese vasteland dat in de laatste ijstijd niet opnieuw door landijs is overdekt, en daarom is het bewaard gebleven. Bregman en Smit schatten de ijsstroom hier tachtig tot honderdtwintig meter dik.
Binnen dat complex zijn vijf keileemruggen. Van oost naar west zijn dat de Hondsrug, de rug van Tynaarlo, de rug van Rolde (ook Slenerrug genoemd), de Zeijenrug en de rug van Norg. Ertussen liggen de smalle beekdalen, waaronder dat van de Drentsche Aa. De ruggen heten zandruggen, maar keileem ligt er overal: het dikst op de kruinen, snel dunner wordend op de flanken, en aan de rand van de beekdalen wigt het uit.
Dat geologen de Hondsrug zo zijn gaan begrijpen, heeft mede met een spoorlijn te maken. Rond 1900 gold de rug nog als een stuwwal die door een gletsjerfront was opgeduwd. Er lag toen ook een andere verklaring op tafel: de Leidse hoogleraar Martin publiceerde in 1887 de eerste moderne glaciale kaart van Nederland en hield de Hondsrug voor een esker, een rug die ontstaat doordat een smeltwatergeul ónder het ijs volloopt met sediment en na het afsmelten als een wal achterblijft. Die uitleg heeft het niet gehaald, maar hij laat zien hoe open de vraag lag.
Toen tussen Emmen en Stadskanaal een spoorlijn werd aangelegd, onderzocht Eugène Dubois de handgegraven kuilen die daarbij bij Exloo, Odoorn en Valthe ontstonden. Hij zag dat de kern van de ruggen zijn gelaagdheid nog had en dus niet was opgeplooid, en concludeerde in 1902 dat hier ijs overheen had gestroomd. H.G. Jonker, leerling van de hoogleraar die de stuwwal-uitleg verdedigde, bestreed dat in 1905 fel, vooral omdat hij had vernomen dat Dubois' opvatting al in een schoolboekje stond. Dubois' hoofdgedachte bleek richtinggevend voor het latere megaflute-model.
Die spoorwegmaatschappij, de NOLS, legde ook de lijn Assen–Gasselternijveen aan die op 15 juni 1905 openging, dwars over deze kaart, met Rolde, Anderen, Eexterhalte en Gieten als stopplaatsen.
Bekijk deze plek op de kaart →
Op de achtergrond: de luchtfoto van deze plek (PDOK).
In de buurt
OnderduikersholIn juni 1943 groef Jacob Wiersema een schuilplaats in een heuvel in het Evertsbos bij Anloo, met een dak van stammen onder heideplaggen.200 m- Keien Anloo–EextZwerfstenen op de grens tussen de boermarken van Anloo en Eext, vastgelegd in 1718; van de drie geregistreerde zijn er twee teruggevonden.300 m
Landgoed TerborghBij Landgoed Terborgh onder Anloo kwam in 1958 een volledige standvoetbeker boven, hoogstwaarschijnlijk uit een vlakgraf dat toen is vernield.440 m- ≈ PalissadeBij Anloo groeven Glasbergen en Waterbolk in 1957 een houten omheining op; Waterbolk noemde het een veekraal, inmiddels geldt het als cultusplek.440 m
- EexterstrubbenIn de Eexterstrubben ligt een grafheuvel op de lijn tussen Eext en Schipborg die samen met karrensporen een prehistorische route aannemelijk maakt.560 m
- Grafheuvels GalgwanderveenBij het Galgwanderveen bij Eext liggen vier grafheuvels op en naast de wal van een pingoruïne; drie ervan zijn door Van Giffen opgegraven.620 m
Pingo EvertsbosDeze pingoruïne in het Evertsbos werd in 1925 een visplas; de vereniging telt sindsdien precies zeven leden uit Eext en zeven uit Gieten.700 m
Celtic fieldHet celtic field bij Anloo is bijna een kilometer breed, maar in het veld niet meer dan een golving van twintig centimeter.720 m- KerkwegDe Kerkweg door het Evertsbos verbond Eext met de kerk van Anloo; ernaast ligt een smalle bundel karrensporen.740 m
- VoordeEen kansrijke locatie voor een oude doorwaadbare oversteek in het beekdal bij Eext, aangewezen op grond van bodem, reliëf en routepatronen.760 m
Hemelsbreed gemeten, van dichtbij naar ver. Verschuif de band naar rechts voor de volgende.