Landschapssporen

Balloërveld

De Mandenberg

Plek met een verhaal·PrehistorieBekijk de kaart

De Mandenberg
De plek van boven, op de luchtfoto van 2024. · Foto: Luchtfoto: Beeldmateriaal Nederland (Kadaster), 2024 – CC BY 4.0

Op het Balloërveld liggen twee aaneengesloten terreinen die samen de grootste heuvelgroep van het veld vormen. In de Archeologische Monumentenkaart staan ze ingeschreven onder de naam Mandenberg, met eenendertig grafheuvels. Zeventien op het westelijke terrein (monument 8982), veertien op het oostelijke (8987). De pin staat er tussenin.

Over de naam bestaan twee lezingen. Hij kan komen van het Drentse mandielig, gemeenschappelijk, en dan slaat de naam op de hele groep, wat past bij hoe deze pin staat. Hij kan ook komen van het oude gebruik om een mand in een paal te hijsen zodra het twaalf uur was. Van Giffen, die er in 1933 groef, gebruikte de naam nog voor één heuvel, de grootste van de groep: 2,20 meter hoog en 18 meter breed. Hij schrijft hem met én zonder n.

Van Giffen onderzocht in 1933 een groot aantal heuvels op het Balloërveld. Binnen de twee terreinen van de Mandenberg onderzocht hij er volgens de monumentregistratie tweeëntwintig; daarna werden de heuvels hersteld. Tussen en onder de heuvels lag een urnenveldEen begraafplaats uit de late bronstijd en de ijzertijd. De verbrande resten van de doden werden in urnen onder lage heuveltjes bijgezet.Alle begrippen, dat hij in dezelfde campagne opgroef; in uitgestoven steilkanten vond hij vuursteen uit het Mesolithicumca. 9700 tot 5325 v.Chr.Meer over deze periode en Neolithicumca. 5325 tot 1900 v.Chr.Meer over deze periode en scherven van de Trechterbekercultuur4000 tot 2700 v.Chr.Meer over deze periode.

Vlak ernaast liggen een celtic fieldEen prehistorisch akkersysteem van kleine, vierkante veldjes met lage wallen eromheen, als een honingraat. In Drenthe aangelegd vanaf de late bronstijd tot in de Romeinse tijd. Het Nederlandse woord is raatakker.Alle begrippen en een vuursteenvindplaats. Alleen al langs de zandweg van Balloo naar Gasteren bracht hij dat jaar achtendertig grafheuvels in kaart, de Galgenberg meegerekend, en hij onderzocht er vijfentwintig van, sommige helemaal en andere maar voor een klein deel. Vóór Van Giffen groef men een sleuf door een heuvel en haalde eruit wat glansde; hij deelde de heuvel in vieren, liet tussen de kwadranten wanden staan en groef laag voor laag af tot in de ongeroerde grond. In die staande wanden is de opbouw als een doorsnede te lezen. Zo bleek van ten minste drie heuvels dat het lichaam tot in het Laat-neolithicumca. 2800 tot 1900 v.Chr., de enkelgraf- en klokbekercultuurMeer over deze periode teruggaat.

Van één heuvel weten we daardoor hoe het van binnen zat. De Grote Mandenberg is faseEen periode in het gebruik van een plek die archeologen in de grond kunnen onderscheiden. Een grafheuvel die in twee fasen is opgeworpen, kreeg eerst een graf met een heuvel, en later een tweede graf waarvoor de heuvel werd opgehoogd.Alle begrippen opgehoogd, met een vondstloze bijzetting binnen een onregelmatige paalkrans uit het Late neolithicumca. 2800 tot 1900 v.Chr., de enkelgraf- en klokbekercultuurMeer over deze periode, daarboven een tweede binnen een regelmatige krans uit de Midden-bronstijd1575 tot 1200 v.Chr.Meer over deze periode. Aan de rand, langs de binnenkant van de buitenste paalkrans, lagen 7 latere graven, de meeste in boomkisten. In drie lagen grafgiften: twee bronzen armbanden, drie gouden ringetjes waarvan er twee in elkaar grepen, en een open bronzen ring. Van Giffen dateerde ze rond 1400 voor Christus. Zulke geribde armbanden kende hij vooral van ten oosten van de Weser; ten westen ervan was er nog maar één gevonden.

De groep lag op een militair oefenterrein. Rond 1970 negeerden militaire voertuigen de palen om de grafheuvels en baanden zich een nieuwe weg evenwijdig aan het hoofdpad, tussen en over de heuvels door. Ze reden ook de betonpalen langs dat pad omver. In 1969 was hetzelfde gebeurd aan de andere kant van de weg. Hoeveel heuvels het raakte, zegt de enige bron niet, de reeks van H.M. Luning in De Kloetschup.

Twee van de heuvels die Van Giffen in 1933 opgroef staan sindsdien bekend om iets anders dan hun inhoud. Het zijn paalkransheuvels met een opvallend regelmatige vorm, allebei met een noordzuid- en een oostwest-as. Verbind de westelijke paalgaten van beide heuvels met elkaar, en de oostelijke, en de zuidelijke en de noordelijke, en die lijnen komen zo'n zestig meter ten westen van de heuvels bij elkaar. Precies daar zakt de zon weg. Twee keer per jaar, op 21 maart en 21 september, het begin van het voorjaar en het einde van de zomer. De landschapsbiografie noemt de twee heuvels daarom voorzichtig een prehistorisch observatorium.

Bekijk deze plek op de kaart →

Op de achtergrond: de luchtfoto van deze plek (PDOK).

Gegevens

Ligging
53.00504, 6.64638
Gebied
Balloërveld
Periode en cultuur
Mesolithicum, Trechterbekercultuur, Bronstijd
Zekerheid van de ligging
hoog

In de buurt van deze plek

  1. Celtic fieldAan de zuidkant van het Balloërveld ligt een celtic field: akkertjes van dertig bij dertig meter met lage aarden walletjes ertussen.250 m
  2. TankopstelplaatsTwee laagtes aan weerszijden van de zandweg bij de Mandenberg zijn mogelijk de opstelplaats voor tanks die Defensie hier in 1972 liet graven.260 m
  3. StakenbergVier grafheuvels ten noorden van de Mandenberg heten samen de Stakenberg; alleen de eerste is onderzocht, en de naam wijst mogelijk op een verdwenen paal.610 m
  4. TichelhuisHet Tichelhuis bij het Smalbroekerloopje is een veldnaam uit 1900 voor een steenbakkerij; waar het huis zelf stond is nooit vastgelegd.730 m
  5. IJzerbewerking NoorderschAan de rand van de Noordersch bij Balloo vond een kartering ijzerslakken, ijzeroer en nederzettingsafval, waarschijnlijk uit de middeleeuwen.790 m
  6. SchaapskooiAan de rand van het Balloërveld staat de schaapskooi met vierhonderd Drentse heideschapen, de grootste kudde van Drenthe.810 m
  7. SlokkertIn de Slokkert bij Rolde is een pot uit de Romeinse tijd met crematieresten gevonden, een zeldzaam spoor van begraven na de oude grafvelden.940 m
  8. Vindplaatsen bij het EgelmeerOp de droge rug bij het Egelmeer liggen twee geregistreerde vindplaatsen: trechterbekerscherven op de ene, neolithisch en ijzertijdmateriaal op de andere.980 m
  9. ≈ ParaboolduinBij het Egelmeer ligt een gaaf paraboolduin uit de laatste ijstijd; de richting van zijn armen verraadt de wind die het maakte.1,1 km
  10. GrafheuvelsOver het Balloërveld liggen tientallen grafheuvels verspreid, de oudste uit het late neolithicum: ronde bulten op de hoogste en droogste plekken.1,1 km

Hemelsbreed gemeten, van dichtbij naar ver. Verschuif de band naar rechts voor de volgende.