Het Kreushaarveen
Plek met een verhaal·IJstijden en bodem
Ten zuidwesten van Eext, in het verlengde van een oud beekdal waar nu de bovenloop van het Scheebroekerloopje stroomt, ligt het Kreushaarveen. Het is een reeks natte laagtes achter elkaar. Op de bodemkaart staan ze niet eens als veentjes. Op de hoogtekaart zijn ze duidelijk te zien.
Het gaat om twee venen, die inmiddels volledig zijn geëgaliseerd en in de akkers opgenomen. In 2009 zette De Steekproef er boringen, in opdracht van Drents Plateau. Er waren eerder vondsten gedaan, en sommige laagtes konden pingoruïnes zijn – resten van ijsheuvels uit de laatste ijstijd, met daaronder een intact veenpakket. Van het zuidelijke veen was al vastgesteld dat het geen pingoruïne is. Het is een uitblazingsbekken, door de wind uitgesleten. Over het noordelijke kon het onderzoek geen definitief antwoord geven.
Daar kwam een oude vondst opnieuw in beeld. Bij de aanleg van een ruilverkavelingsweg was trechterbekeraardewerk gevonden, en in 1981 had dat al tot een archeologisch onderzoek geleid, op het zuidelijke deel van die weg. Tijdens de boringen van 2009 wees de oorspronkelijke vinder, de heer H. van Westing uit Eext, een andere plek aan: het noordelijke veen bij de Anderenseweg. Hij herinnerde zich dat hij daar bij de aanleg van de weg een uitzonderlijk dik veenpakket had gezien. Ook daar kwamen vondsten boven, waaronder een mogelijk fragment van een stenen bijl. Op de aangewezen plek bracht boring 77 minstens 295 centimeter veen aan het licht.
Die veendikte wijst in één richting. De Gans, die de pingoruïnes van dit gebied in de jaren tachtig systematisch onderzocht, hanteerde een vuistregel. Is het veen in een ronde laagte dikker dan twee meter, dan is het hoogstwaarschijnlijk het restant van een ijslens. Met bijna 3 meter zit boring 77 daar ruim boven. Een bewijs is dat niet. Wel is het de reden dat de noordelijke laagte een andere kandidaat is dan het zuidelijke veen. Inmiddels staat het Kreushaarveen in de provinciale inventarisatie van pingoruïnes ingeschreven, met als onderzoekers onder meer Jelsma, Dijk, De Steekproef en Van der Sanden – al blijft staan dat de zuidelijke laagte eerder als uitblazingsbekken is aangemerkt.
Het terrein is ook als archeologisch monument geregistreerd, en die registratie spant een veel langere reeks op dan de trechterbekerscherven alleen. Ze noemt bewoning uit het Laat-paleolithicumca. 30.000 tot 11.000 jaar geledenMeer over deze periode en het vroege Mesolithicumca. 9700 tot 5325 v.Chr.Meer over deze periode, met de Tjongerspits erbij, het werktuig van de Federmessercultuurca. 11.900 tot 10.900 v.Chr.Meer over deze periode, de jagers van het eind van de laatste ijstijd. Daarna volgen het mesolithicum en het Midden-neolithicumca. 3350 tot 2750 v.Chr.Meer over deze periode, waar het trechterbekeraardewerk bij hoort. De jongste vondsten dateert de registratie op het Late neolithicumca. 2800 tot 1900 v.Chr., de enkelgraf- en klokbekercultuurMeer over deze periode of de Vroege bronstijd1900 tot 1575 v.Chr.Meer over deze periode; welke van die twee laat ze in het midden. Bij karteringen in de jaren zeventig en tachtig, deels bij graafwerk, kwamen op meerdere plaatsen tientallen stuks bewerkt vuursteen boven, met wat aardewerk en organisch materiaal. Een deel kwam uit een veenarm die hier heeft gelegen en er deels nog ligt. Welke van de twee laagtes dat is, zegt de registratie niet, maar ze schat de kans op verdere organische resten groot.
De trechterbekerscherven zelf zijn het raadsel. De landschapsbiografie telt er minstens zes potten, en die zijn niet tegelijk in het toen nog open water beland. De meeste kwamen uit het westelijke deel, waar een dekzandrug aan het beekdalletje grenst. Pollenonderzoek wees uit dat de directe omgeving destijds bos was. Een woonplaats is daarmee onwaarschijnlijk. Er blijven twee lezingen over. Het kan een offerplaats zijn geweest, of een gewone dumpplaats waar trechterbekermensen afgedankte spullen in het water gooiden. Het boek kiest niet.
In zo'n veen blijft precies bewaard wat het de moeite waard maakt. Stuifmeel dat erin geconserveerd raakt, laat zien hoe de begroeiing zich ontwikkelde en welke invloed de mens daarop had, en de lagen zelf zijn te dateren. Het onderzoek van 2009 legde daarom drie Drentse veentjes naast elkaar. Het Bolveen bij Taarlo en het Kooikerveen bij Klijndijk bleken redelijk tot goed intacte pingoruïnes, en voor die twee luidt het advies ze te behoeden voor verder verval van het bodemarchief. Voor het Kreushaarveen staat er iets anders. Behoud ter plaatse wordt hier niet mogelijk geacht, gezien de ontwatering die er al plaatsvindt, en de onderzoekers adviseren sleuven te graven om de conditie en de begrenzing van de vindplaats vast te stellen.
Locatie uit de offerveen-laag van de provincie Drenthe, waar het als 'Kreushaarveentje, Anderen' staat met AMK-nummer 14167. De AMK zelf voert datzelfde nummer onder Eext, als 'Schietveld'.
Bekijk deze plek op de kaart →
Op de achtergrond: de luchtfoto van deze plek (PDOK).
Gegevens
- Ligging
- 53.00624, 6.71563
- Gebied
- Eext
- Periode en cultuur
- IJstijden, Federmessercultuur, Mesolithicum, Trechterbekercultuur, Bronstijd
- Zekerheid van de ligging
- hoog
In de buurt
Hillig MeerNatuurbegraafplaats Hillig Meer bij Eext ligt tussen prehistorische grafheuvels: op de Hondsrug wordt al duizenden jaren begraven.880 m- De KampakkersOp de Kampakkers bij Eext liggen een celtic field, neolithische bewoning, grafheuvels en hunebed D12 over elkaar heen op één akker.900 m
Hunebed D13D13 aan de westkant van Eext is een trapgraf: een zeldzaam type, en het trapje naar de grafkamer verdween al kort na 1768.950 m- GletsjerkoelDe gletsjerkoel bij Eext is een pingoruïne van tachtig meter breed en drie meter diep, die door het dunne keileemdek heen prikt.960 m
EexterhalteEexterhalte is genoemd naar de stopplaats aan de lijn Assen-Gasselternijveen; het station, een stuk rails, de overwegborden en vier rijtuigen staan er nog.1,0 km
Stationsstraat 58Dit boerderijtje aan de zuidkant van Eext heeft gietijzeren kolommen en stalvensters: nieuwe industriële materialen in traditionele Drentse bouw.1,1 km- De brand van 1939In de zomer van 1939 brandde de boerderij van Jan Mennega aan de Anderenseweg af; de motorspuit uit Annen kwam te laat om meer te doen dan nablussen.1,1 km
WesterholtEen grafheuvel op de rand van het dal van het Scheebroekerloopje bij Eext, voorlopig gedateerd in het neolithicum of de bronstijd.1,1 km- Pingo StationsstraatDeze pingoruïne aan de Stationsstraat was eerst schapenwasplaats en later de ijsbaan van Eext; de naam Schaopwas bleef.1,1 km
Hunebed D12Hunebed D12 op de Kampakkers is het meest gehavende van Eext; de cementen plombes waarmee Van Giffen verdwenen stenen markeerde zijn zelf weggezakt.1,1 km
Hemelsbreed gemeten, van dichtbij naar ver. Verschuif de band naar rechts voor de volgende.