Landschapssporen

Strubben-Kniphorstbos

Het Boekweitenveentje, een uitgeblazen laagte met een laagje veen

Plek met een verhaal·IJstijden en bodemBekijk de kaart

Het Boekweitenveentje, een uitgeblazen laagte met een laagje veen
Het Boekweitenveentje, 31 oktober 2026, gezien naar het noordoosten. · Foto: Erik Meijerink – CC BY 4.0

Ten zuidoosten van het paraboolduin ligt een vlakke, natte laagte met pollen gras en hier en daar open water. De gidsen van het Nationaal Park Drentsche Aa noemen haar het Boekweitenveentje. Het is een van de laatste open watertjes van het gebied, samen met het Addersveentje en het veentje bij de handgranatenbaan, dat iets noordelijker en lager ligt.

Op het hoogtebeeld is de laagte een vlak van zo'n 150 bij 180 meter, op ruim 12 meter boven NAP. Aan de noordwestkant stijgt het land naar 13 à 14 meter: de zandrug met grafheuvels die het inrichtings- en beheerplan van 2008 ten noordwesten van het veentje noemt.

Theo Spek boorde er in de zomer van 1992. Het veentje was toen sterk verdroogd. De veenlaag was hooguit 15 tot 20 centimeter dik, en grotendeels veraard. Eronder lag een podzol met een harde, kazige inspoelingslaag, waarop het water bleef staan. De laagte zelf is volgens Spek waarschijnlijk aan het eind van de laatste ijstijd ontstaan, toen de wind er het zand uitblies. Het veen kwam later, toen het water op die harde laag bleef hangen.

Op de zandrug bij het veentje is in alle tijden gewoond. Sake Jager vond er een mesolithisch kernbijltje en pijlpunten, en de nederzettingsgrond uit de trechterbekertijd en de Bronstijd1900 tot 800 v.Chr.Meer over deze periode loopt door tot in het perceel ten zuiden van de laagte.

Het beheersplan van 2008 wilde het veentje eerst laten onderzoeken op wat er in het veen bewaard is gebleven, en het daarna opschonen. Om het verdrogen tegen te gaan zouden de sloten in de omgeving worden gedempt of afgedamd. Op de foto van oktober 2026 staat er weer water tussen de pollen.

Bekijk deze plek op de kaart →

Op de achtergrond: het schaduwreliëf uit het AHN.

Gegevens

Ligging
53.06080, 6.69004
Gebied
Strubben-Kniphorstbos
Periode
IJstijden
Zekerheid van de ligging
midden

In de buurt van deze plek

  1. BomkraterEen ronde, natte bomkrater in het Strubben-Kniphorstbos, waarschijnlijk van een Lancaster die aan een Duitse jager probeerde te ontkomen.40 m
  2. Nederzetting trechterbekertijdOp een lage zandrug ten zuiden van het Boekweitenveentje woonden mensen uit de trechterbekertijd en de vroege bronstijd, vlak bij de keileem.100 m
  3. HandgranatenbaanDe handgranatenbaan in het Strubben-Kniphorstbos: een veldje met een kelder en houten schotten, aangelegd over een grafheuvel heen.160 m
  4. LoopgraafEen geknikte gegraven gang van 76 meter in het Strubben-Kniphorstbos bij Anloo, volgens Elerie een loopgraaf uit de Tweede Wereldoorlog.360 m
  5. Hunebedden D7/D8D7 en D8 liggen een paar honderd meter uit elkaar in het Strubben-Kniphorstbos; D7 is pas in 1822 voor het eerst op papier vermeld, ruim een eeuw na zijn buurman.360 m
  6. KeileemOnder het Strubben-Kniphorstbos ligt keileem uit de voorlaatste ijstijd; waar die dicht onder het oppervlak zit blijft het nat in een verder kurkdroog zandgebied.370 m
  7. Archeologisch reservaatDe Strubben-Kniphorstbos is 377 hectare groot en sinds 2000 het enige archeologische reservaat van Nederland, met sporen van steentijd tot middeleeuwen.380 m
  8. Galgenberg StrubbenDe Galgenberg in de Strubben bij Anloo is een grafheuvel op de grens van drie marken; de naam staat al in 1332 op schrift, een executie is er niet bekend.440 m
  9. ≈ BorkerholtOver het Borkerholt, het markebos van Schipborg, is tussen 1332 en 1610 onophoudelijk geprocedeerd; na de oorlog moest elke boer er vier eiken planten.480 m
  10. Drie podzolenTheo Spek vond in het Strubben-Kniphorstbos drie haarpodzolen boven elkaar: bewijs voor eeuwenlange verstuiving langs de karrensporen.490 m

Hemelsbreed gemeten, van dichtbij naar ver. Verschuif de band naar rechts voor de volgende.